Univé wil bijdragen aan positieve verandering in Nederland
Maandag 15 december 2025
Hoe meer polissen je hebt, hoe lager de kosten zijn en hoe lager dus de premies kunnen worden. Dat is in een notendop de kracht van het collectief en van een coöperatie als Univé. Maar Univé gaat verder. “Wij reserveren een deel van de winst om onze leden ook in de toekomst te kunnen helpen. Door gezamenlijk op te trekken, kunnen we geld opzij zetten om nieuwe initiatieven te ontwikkelen waarmee we onze leden nu én in de toekomst van dienst kunnen zijn.”
Als bestuursvoorzitter en CEO Johan van den Neste financieel dienstverlener Univé mag schetsen richting de buitenwereld, zegt hij: “Wij hebben een schitterend bedrijf. We mogen onafhankelijk verzekeringen verkopen namens alle aanbieders die er zijn in Nederland. We hebben bovendien een eigen verzekeringsmaatschappij en een herverzekeringsmaatschappij: krachtige instrumenten, waarmee wij maatwerkoplossingen kunnen aanbieden. Bovendien mogen wij onze verzekeringen op alle mogelijke manieren verkopen: via een winkel op de hoek van de straat tot en met online. Dat we dat onder één merk doen, maakt ons uniek. Bovendien zijn we een coöperatie. Sommige mensen vinden dat een complicerende factor, maar ik vind dat juist een krachtig model. Wij hebben acht regionale Univé’s, allemaal coöperaties op zichzelf, die er lokaal alles aan doen om hun leden zo goed mogelijk te bedienen.
Er is sprake van korte lijnen en we hebben zelfs – als enige verzekeraar in Nederland – winkels waar je langs kunt gaan voor advies. Nee, we kunnen vanuit onze centrale organisatie in Zwolle dus niet top-down besluiten doorvoeren. Maar is dat erg? Ik vind het juist mooi dat we het in gezamenlijkheid doen, met de behoefte van onze leden als uitgangspunt. Die behoeften vertalen we door binnen de Raad van Bestuur: hoe gaan we de komende jaren adequaat invulling geven aan de wensen en verwachtingen van onze leden en welke strategie past daarbij? Dat kun je ook juist heel leuk vinden! We bouwen vanuit de landelijke coöperatie aan ons merk, zorgen voor IT en commercie. Maar alles staat in dienst van de acht regionale Univé’s.”

Johan van den Neste
Johan van den Neste (57) werd vijf jaar geleden binnen Univé eindverantwoordelijke voor twee verzekeringsmaatschappijen binnen de coöperatie: Univé Schadeverzekering en Univé Herverzekering. Sinds 1 oktober 2024 is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van de coöperatie Univé.
Ledenraden
Als financieel dienstverlener staat Univé onder toezicht van De Nederlandsche Bank (“Kun jij als er schade is die schade betalen aan je verzekerden?”) en van de Autoriteit Financiële Markt (“Dien je je klantbelangen op de juiste manier?”). Vanwege de wet- en regelgeving rondom financiële dienstverleners hebben leden in een dergelijke coöperatie beperkte zeggenschap. Toch doet Univé er alles aan om de behoeften van alle leden te kennen en te dienen. “Iedere regionale Univé heeft een eigen ledenraad en vaardigt bovendien drie leden af voor de centrale ledenraad. Met hen komen wij viermaal per jaar formeel bij elkaar en viermaal informeel. Dan praten we over waar de ledenraad in de kern voor staat: het peilen van de ledenbehoefte. De ledenraad zet die op papier en wij nemen het mee in onze strategie. Zo fungeert de ledenraad als een klankbord, dat ons voedt. Iedere vergadering doen we een rondje: wil jij nog iets meegeven? Zijn er dingen die spelen? Wat mij betreft het leukste onderdeel van de vergadering. Soms komen er zaken ter tafel waarop wij als Raad van Bestuur ook niet direct het antwoord hebben. Dan gaan we het uitzoeken en komen er later op terug.”
Coöperatieve solidariteit
Johan erkent een toenemende individualisering in de samenleving. “Vier miljoen mensen in Nederland vallen in meer of mindere mate buiten de boot. Door laaggeletterdheid, door een migratieachtergrond of door digitaal analfabetisme en het soms niet meer kunnen bevatten van thematiek die voor hen belangrijk is. De financiële en sociale beschermingsgraad van mensen neemt af: ook in ons land. Als coöperatie kijken wij naar solidariteit. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat mensen wél meedoen of wéér meedoen?” Johan wijst op het bestaan van een centraal informatiesysteem, waarvan alle verzekeraars in Nederland gebruik kunnen maken. “Ik noem dat een datagevangenis. Als je een keer als wanbetaler te boek komt te staan of je hebt een alcoholprobleem gehad, is het vrijwel onmogelijk om jezelf de komende drie jaar op de juiste wijze te verzekeren. Daar zouden we als Univé in mee kunnen gaan. Maar we kunnen ook zeggen: onder welke condities zou jij morgen alweer mee kunnen doen? Die wanbetaler laat je bijvoorbeeld een jaar vooruitbetalen. En je zou zelfs een stapje verder kunnen zetten: als iemand een betaling mist, ga je niet afwachten tot dat nog een keer voorkomt en dan de polis royeren. Je kunt zo iemand ook even bellen: we zien dat u een betaling heeft gemist, kunnen we ergens mee helpen? Zo willen wij werken aan het laten meedoen van mensen en het opbouwen van solidariteit.”
“Wij willen oplossingen bedenken waarvan we over vijf jaar kunnen zeggen: we hebben bijgedragen aan positieve verandering in Nederland.”
Bijdragen aan positieve verandering
Johan wijst op het feit dat er een sterk verband bestaat tussen financiële en mentale gezondheid. “Daarom willen we bij Univé in kaart brengen welke problemen er spelen bij bijvoorbeeld Gen Z, de generatie die geboren is vanaf 2000. Hoe gaan zij met hun pensioen om? Met hun huis, dat ze in eerste instantie niet eens kunnen krijgen? Hoe kunnen wij producten en diensten ontwikkelen voor grotere groepen, zodat wij hen financieel gezond houden? Wij willen oplossingen bedenken waarvan we over vijf jaar kunnen zeggen: we hebben bijgedragen aan positieve verandering in Nederland.” Dat dit verder gaat dan standaard financiële dienstverlening, komt wellicht doordat Johan een groot bewonderaar is van de oprichter van Univé: Geert Reinders, een Groninger autodidact. “Hij was agrariër en kreeg in de achttiende eeuw te maken met de runderpest, een enorm probleem in die tijd. Hij ging op zoek naar manieren om daarmee te dealen. Met de ontwikkeling van het eerste vaccin tegen deze veeziekte, pakte hij een probleem aan dat groter was dan hemzelf. En Reinders had ook niet per se het doel om een verzekeringsmaatschappij oprichten. Hij wilde iets organiseren, wat individueel niet kon maar collectief wel. En waarvan ieder individu zou zeggen: ik ben liever onderdeel van het systeem dat beter is voor de hele samenleving, dan dat ik in mijn uppie iets voor mezelf regel. Die gedachtegang is relevanter dan ooit. Dáár moeten we over in gesprek blijven met elkaar, ook als coöperaties onderling.”
What’s in it for us?
Om het verhaal over coöperatieve solidariteit passend te maken, moet heel Nederland Univé kennen. “En niet alleen kennen. Men moet weten waarvoor wij staan: dat wij een coöperatie zijn en wat dat betekent. We moeten goed inzichtelijk maken wat het betekent om lid te zijn: voor de leden zelf, maar juist ook voor het collectief. Ik zie het als een drietrapsraket. What’s in it for me: daar begint het voor de leden natuurlijk. Vervolgens is de vraag: what’s in it for all? Wie worden er beter van een collectieve organisatie? En ten slotte: what’s in it for the world? In het groot, maar juist ook in het klein. Univé heeft bijvoorbeeld een buurtfonds, waarmee we projecten financieren die een buurt iets veiliger kunnen maken. We hebben een Nederlandstalige cyberhelpdesk ingericht, waar mensen zich kunnen melden die slachtoffer zijn of denken te zijn geworden van bijvoorbeeld babbeltrucs of phishing. Of we betalen voor kinderen die dat zelf niet kunnen de contributie van een sportclub. Dat is wat wij verstaan onder coöperatieve solidariteit. Overigens blijven wij ook op maatschappelijk gebied dicht bij de kern van wie wij zijn. Univé staat voor het voorkomen en beperken van risico’s, meestal van financiële aard. Daar ligt onze focus en onze kracht en daar kunnen wij het meeste bereiken.”
Rendement
Johan is nu ruim een jaar onderweg als voorzitter van de Raad van Bestuur. Hij heeft inmiddels mooie kansen in beeld. “De financiële beschermingsgraad van mensen ligt in Nederland veel lager dan je denkt. Lang niet iedereen heeft een inboedelverzekering. Of denk aan ZZP’ers zon[1]der arbeidsongeschiktheidsverzekering. Graag willen wij met toekomstige leden bekijken hoe financieel gezond ze zijn en op basis daarvan producten en diensten ontwikkelen waarmee zij echt gebaat zijn. Ook zie ik kansen op het gebied van data en AI. Leden zijn onzeker over het delen van data: wat is nog veilig en vertrouwd tegenwoordig? Omdat wij geen aandeelhouders hoeven te dienen, kunnen wij goed inzichtelijk maken dat wij data alleen gebruiken ten gunste van de leden.” Een grote uitdaging ziet Johan ook. “Het zit niet in het DNA van Univé om geld te verdienen. In deze organisatie heeft het altijd gedraaid om helpen en om service verlenen. We hebben echter een gezond rendement nodig om ook in de toekomst van onze leden te kunnen blijven investeren. We moeten streng blijven op groei, kosten en rendement om over tien of twintig jaar ons gedachtengoed te kunnen doorgeven aan een volgende generatie. Een gezond rendement is óók binnen coöperaties een noodzakelijke voorwaarde om door te kunnen gaan.”
Coöperatie Univé
Coöperatie Univé, financieel dienstverlener en tweede agrarische verzekeraar van Nederland, heeft bijna twee miljoen leden en 3.500 medewerkers. Vanuit het kantoor in Zwolle worden algemene zaken zoals IT, het bouwen van een sterk merk en commercie centraal georganiseerd ten gunste van de acht regionale Univé’s met elk een eigen, onafhankelijk bestuur en ledenraad.









